Zondag hadden we (mijn vader, zus en ik) onze startbewijzen opgehaald, waarbij we met iemand konden ruilen. Hierdoor konden we vandaag alle drie tegelijkertijd starten met een late start. Om05:00 uur wekte de wekker mij erg vroeg. Na het aankleden, eten en tas inpakken was ik klaar voor vertrek. Na even in de rij gewacht te hebben bij de start was het om 06:30 uur dan eindelijk zover, de start van mijn allereerste Vierdaagse. Na een kort interview met de Nijmegen Wandelt-presentatrice Lorrain Gabriel begon ik aan de eerste 40 kilometer.
Het was een leuk begin met feestvierders die rechtstreeks vanuit de stad aan de zijlijn stonden. Vooral bij het Hunnerpark waar door een jongen een kippenboutje aangeboden werd. Hoe lang hij deze al in zijn hand had, dat vraag ik me nog steeds af. Erg lekker zag het er niet meer uit. De eerste 15 kilometer ging goed. In Bemmel kwamen we twee bekenden tegen die gezellig een stukje meeliepen en nog twee bij wie we eventjes gestopt hebben voor een lekkere kop koffie. Onze eerste (lange) stop was bij de Rabobank in Elst, waar we goed verzorgd werden met soep, brood en een appel. Ook kwamen we daar het Nijmegen Wandelt-Camerateam weer tegen, die ons nogmaals succes wensten.
Na deze stop gingen we richting Oosterhout. Daar begon het moeilijker te worden voor mij; ik kreeg erg last van mijn knie. Zo erg dat ik vanaf het begin van Oosterhout met tranen in mijn ogen gelopen heb. Aan opgeven dacht ik (nog) niet: niet op de eerste dag, niet tijdens de Vierdaagse en niet na alle training. Ik moest en zou de eerste dag halen, en dat is gelukt. Ik ben er doorheen gesleept door mijn vader en zus. Ik kan dan ook zeggen dat ik erg blij was toen ik op de Wedren was. Daar heb ik ongeveer driekwartier bij het Rode Kruis gelegen om mijn blaren te prikken, af te plakken en ook hebben ze naar mijn knie gekeken. Daar dachten ze dat de pijn kwam van overbelasting. Toen op naar huis voor een lekkere douche en uitrusten.
Onderweg zijn er vandaag weinig dingen gebeurd, hoewel een Zwitserse militair wel bijzonder was. Hij stelde mijn vader in het Nederlands vragen, maar kon de antwoorden niet verstaan. Hij vroeg: “Hallo, alles goed?” waarop mijn vader zei: “Ik mag niet klagen.” en hij zei: “Do you mean good?” We kwamen erachter dat hij tijdens het lopen Nederlands aan het leren was door met Nederlanders te praten, erg leuk! Net als alle zingende militairen natuurlijk.
Nu ik dit schrijf, heb ik weer meer moed. Ik ben opgeknapt van een heerlijke massage bij de fysiotherapeut, van wie ik ook tape heb gekregen voor mijn knie. Hij hoopt dat de tape me gaat helpen morgen, en dat hoop ik natuurlijk ook! Dan kan ik hopelijk meer genieten van de laatste kilometers. Op naar dag 2, ben benieuwd hoe het gaat!
Volg Dyan ook op Twitter om te zien hoe het haar vergaat tijdens de Vierdaagse.